Rb. Noord-Nederland 21 mei 2013, ECLI:NL:RBNNE:2013:CA0738
Vaststelling Legger Waterkeringen-Zeekering 2010 (Legger). Noch in de Waterwet noch in de Keur is een definitie van de deelzonering ‘bebouwingszone’ opgenomen. Artikel 3.19 van de Omgevingsverordening provincie Groningen 2009 (POV) schrijft ook niet voor dat alle binnen de waterkeringszone onderscheiden deelzoneringen, zoals opgenomen in kaart 3 bij Bijlage 8 van de POV, door verweerder moeten worden vermeld. De verplichting tot het aangeven van de diverse onderdelen binnen de totale waterkeringszone, waaronder de bebouwingszone, geldt op grond van artikel 4.10 van de POV uitsluitend voor gemeenten, die overgaan tot vaststelling van een bestemmingsplan waarin de betreffende waterkeringszone gelegen is. De vaststelling van de bebouwingszone behoort, vanwege haar planologische karakter, bij uitstek thuis in het gemeentelijk bestemmingsplan. Gelet op het voorgaande heeft verweerder zich terecht op het standpunt gesteld dat verweerder niet verplicht was om bebouwingszones in de Legger op te nemen. Gelet op het bovenstaande is verweerder daar ook niet toe bevoegd. Het besluit tot vaststelling van de Legger is een concretiserend besluit van algemene strekking. In de Legger wordt naar plaats de toepassing van een in een algemeen verbindend voorschrift - de Keur - besloten liggende norm ingevuld. Het besluit tot vaststelling van de Legger bevat echter geen zelfstandige normstelling. De mogelijkheid dat de door eiseres genoemde voorwaarde zal gelden voor de betrokken percelen vloeit aldus weliswaar voort uit het besluit tot vaststelling van de Legger, maar is geen onderdeel van de Legger.
De uitspraak op rechtspraak.nl