Rb. Noord-Nederland 29 oktober 2013, ECLI:NL:RBNNE:2013:6573

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het onrechtmatig bezit van een forse hoeveelheid schedels, skeletten en ivoor van bedreigde diersoorten. Hij had deze goederen in de loop der jaren verzameld door ze aan te kopen of te ruilen met andere verzamelaars. Ook ontving verdachte skeletten en schedels van anderen die hun collectie van de hand deden. Verdachte verwerkte ook zelf kadavers tot skeletten en schedels; ook restaureerde hij skeletten en schedels voor zichzelf of voor derden. De rechtbank veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 3 maanden, waarvan 2 maanden voorwaardelijk, wegens overtreding van artikel 13 van de Flora- en Faunawet. De rechtbank achtte de feiten zo ernstig dat de eis van de officier van justitie (240 uur werkstraf en 4 maanden gevangenisstraf voorwaardelijk) hieraan onvoldoende recht deed. Daarom achtte de rechtbank onvoorwaardelijke gevangenisstraf gerechtvaardigd. De in beslag genomen schedels, skeletten en ivoor zijn verbeurd verklaard. Verdachte werd vrijgesproken van het bezit van menselijke foetussen omdat niet bewezen is dat de foetussen jonger waren dan 24 weken (art. 2 van de Wet foetaal weefsel).

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen