Rb. Noord-Holland 8 juli 2026, ECLI:NL:RBNHO:2026:9218
Twee Poolse uitzendkrachten, bijgestaan door CNV, vorderen een reiskostenvergoeding op grond van de CAO Schoonmaak- en Glazenwassersbedrijf, omdat zij gedurende een langere periode tweemaal per week 280 kilometer met een eigen auto heen en weer hebben gereden naar een schoonmaaklocatie. Het verweer van de uitzendonderneming dat zij niet op de hoogte was van het juiste woonadres van de twee uitzendkrachten, houdt geen stand. De vordering in de hoofdzaak wordt toegewezen. De vordering in de vrijwaringszaak wordt afgewezen.
De uitspraak op rechtspraak.nl