Rb. Noord-Holland 3 juni 2026, ECLI:NL:RBNHO:2026:6248
eiseres vordert hoofdelijke veroordeling van gedaagden tot betaling van contractuele boetes en schadevergoeding. Zij stelt dat gedaagden in strijd hebben gehandeld met diverse bepalingen uit de managementovereenkomst die zij met eiseres zijn aangegaan, zich niet als goed opdrachtnemer respectievelijk manager hebben gedragen en dat zij onrechtmatig hebben gehandeld jegens eiseres. Eiseres stelt dat gedaagden hun positie en het door eiseres in hen gestelde vertrouwen hebben misbruikt om eiseres te beconcurreren en financieel te benadelen. De advocaat van gedaagden heeft zich onttrokken en gedaagden hebben niet tijdig een nieuwe advoccaat doen stellen. Gedaagden hebben geen verweer gevoerd. De vorderingen worden grotendeels toegewezen.
De uitspraak op rechtspraak.nl