Rb. Noord-Holland 14 april 2026, ECLI:NL:RBNHO:2026:3990
In dit kort geding vordert een gemeente als verhuurder dat een huurder wordt veroordeeld tot ontruiming van een woning. Volgens de gemeente heeft de huurder geen recht meer om in de woning te verblijven, omdat de huur is geëindigd door het aflopen van de bepaalde tijd daarvan. De kan¬ton¬rechter wijst de vor¬dering tot ontruiming af. De kantonrechter oordeelt dat geen spra¬ke is van een zogenoemde tweede-kans-huurovereenkomst die voldoet aan de wettelijke eisen. De huurovereenkomst is daarom niet geëindigd door het aflopen van de be¬paalde tijd. De huurder heeft huurbescherming en hoeft de woning niet te ontruimen.
De uitspraak op rechtspraak.nl