Rb. Noord-Holland 4 maart 2026, ECLI:NL:RBNHO:2026:2649

Aan betrokkene is een zorgmachtiging verleend voor de duur van 1 jaar. Betrokkene verzoekt op grond van artikel 8:18 van de Wvggz om tussentijdse beëindiging van de zorgmachtiging, maar dat verzoek is afgewezen door de geneesheer-directeur. Vervolgens is het verzoek op grond van artikel 8:19 van de Wvggz door de officier van justitie ter beoordeling aan de rechtbank voorgelegd. Ook de rechtbank wijst het verzoek af. De rechtbank verwacht dat betrokkene zonder zorgmachtiging niet lang medicatietrouw zal zijn en dat er opnieuw ernstig nadeel zal optreden.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen