Rb. Noord-Holland 14 augustus 2024, ECLI:NL:RBNHO:2024:9557

Gedaagde heeft een strook grond naast en achter haar woning in gebruik. Eisers stellen dat zij eigenaar zijn van deze grond en vorderen ontruiming ervan. De rechtbank concludeert dat er geen erfdienstbaarheid ten gunste van gedaagde en ten laste van eisers is gevestigd en dat gedaagde bovendien geen eigenaar is geworden van de grond. Wel oordeelt de rechtbank dat gedaagde onevenredig benadeeld zal worden indien zij haar aanbouw moet verwijderen van de grond. De rechtbank geeft eisers daarom de gelegenheid zich uit te laten over de vraag of zij het strookje grond waarop de aanbouw is gebouwd, in eigendom willen overdragen aan gedaagde of dat zij een erfdienstbaarheid daarop willen vestigen ten gunste van gedaagde. Daarbij kunnen eisers zich ook uitlaten over het bedrag van de schadeloosstelling.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken