Rb. Noord-Holland 17 april 2024, ECLI:NL:RBNHO:2024:3792
Eiser vordert schadevergoeding van Schiphol omdat zij bij de afhandeling van de vondst van zijn vermiste rugzak en paspoort onrechtmatig heeft gehandeld. De kantonrechter oordeelt dat uit de informatie van Schiphol en de Koninklijke Marechaussee de door eiser gestelde feitelijke gang van zaken niet blijkt. Daarmee heeft eiser onvoldoende gesteld om Schiphol aansprakelijk te (kunnen) houden voor de kosten die hij na en als gevolg van de vermissing van zijn bezittingen heeft gemaakt. De vordering wordt daarom afgewezen.
De uitspraak op rechtspraak.nl