Rb. Noord-Holland 24 december 2024, ECLI:NL:RBNHO:2024:13120

Verdachte wordt verdacht van (1) voorhanden hebben van een busje traangas, (2) aanwezig hebben van meer dan 30 gram hennep en (3) het voorhanden hebben van accijnsgoederen (sigaretten) die niet in de accijnsheffing zijn betrokken. Van feit 1 wordt verdachte vrijgesproken, voor feit 2 krijgt verdachte een geldboete en ter zake feit 3 wordt de officier van justitie niet-ontvankelijk verklaard. Aan verdachte is eerder een strafbeschikking opgelegd voor materieel hetzelfde feit (het voorhanden hebben van (diezelfde) sigaretten zonder accijnszegel), waartegen hij verzet heeft ingesteld. Naar het oordeel van de politierechter strookt het niet met het systeem van strafvordering als de verdachte voor hetzelfde andermaal wordt vervolgd, zolang op de strafbeschikking nog niet beslist is of deze is ingetrokken.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken