Rb. Noord-Holland 10 oktober 2024, ECLI:NL:RBNHO:2024:11580
De werkgever in deze zaak verzoekt om ontbinding van de arbeidsovereenkomst met de werknemer. De kantonrechter oordeelt dat geen sprake is van ernstig verwijtbaar handelen van de werknemer en dat het handelen van de werknemer geen redelijke grond oplevert voor ontbinding. Maar de arbeidsovereenkomst wordt wel ontbonden vanwege een verstoorde arbeidsverhouding. De werknemer verzoekt terecht om toekenning van een billijke vergoeding, omdat de ontbinding het gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever. Het verzoek van de werknemer om een transitievergoeding wordt ook toegewezen.
De uitspraak op rechtspraak.nl