Rb. Noord-Holland 4 mei 2023, ECLI:NL:RBNHO:2023:4116

De stelling van partijen is dat een bedrijf genaamd Prudent Limited – gevestigd op de Seychellen – ruim 2,6 miljoen euro heeft gestoken in (een) net gestarte onderneming(en) van [C]; er zeer korte tijd een tandartspraktijk is geweest en [C] en zijn vier vennootschappen zich onverplicht (persoonlijk) garant hebben gesteld voor de ontstane schuld aan Prudent Limited. Verifieerbare stukken waaruit het bestaan van Prudent Limited blijkt ontbreken echter. Daarbij is voorts van belang dat iedereen in deze zaak wordt vertegenwoordigd door [C] of een vennootschap van [C]. Ook ontbreken verifieerbare stukken waaruit het bestaan van de vordering blijkt. Onder andere blijkt nergens uit dat [verzoeker 2] of Prudent Limited werkelijk voor 2,25 miljoen euro tandheelkundige goederen bij een fabrikant in China heeft besteld, Prudent Limited werkelijk miljoenen heeft betaald, de goederen zijn geleverd en dat tandheelkundige werkzaamheden zijn verricht. Hoewel [C] kennelijk prijs stelt op een (executeerbare) titel is de kantonrechter ervan overtuigd geraakt dat hier sprake is van door [verzoeker 2] opgestelde stukken om een fictieve vordering te onderbouwen. Er is daarom geen rechtens te respecteren belang bij het verkrijgen van een titel voor Prudent Limited tegen [verzoeker 2] De kantonrechter acht zich vrij buiten de grenzen van het partijdebat te treden door de vordering af te wijzen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken