Rb. Noord-Holland 4 mei 2022, ECLI:NL:RBNHO:2022:3893
Samenvatting: Verweerder heeft op aanvraag een Wnb-vergunning voor wijziging van een biomassacentrale verleend. Omdat al eerder vergunningen voor de biomassacentrale zijn verleend en vast staat dat de stikstofdepositie ten opzichte van de eerder vergunde situatie(s) zal afnemen, staat vast dat hetgeen nu is aangevraagd, ondanks de stikstofdepositie die dit met zich meebrengt, niet zal leiden tot negatieve gevolgen voor kwetsbare en overbelaste Natura 2000-gebieden. Er kan intern worden gesladeerd en dat is gedaan. Een passende beoordeling is daarom niet vereist. Gelet op het bepaalde in artikel 2.7, tweede lid, van de Wnb was een vergunning daarom niet nodig. De rechtbank oordeelt daarom dat verweerder deze vergunning te n onrechte heeft verleend.
De uitspraak op rechtspraak.nl