Rb. Noord-Holland 27 oktober 2022, ECLI:NL:RBNHO:2022:12031

Omzetbelasting. Rechtbank verklaart de beroepen tegen de intrekking van een beperkte vergunning voor een fiscaal vertegenwoordiger als bedoeld in artikel 33g Wet OB jo artikel 24c Uitvoeringsbesluit OB 1968 en de intrekking aanwijzing op grond van artikel 23 Wet OB jo artikel 18 Uitvoeringsbeschikking OB 1968 ten behoeve van het toepassen van de verleggingsregeling bij invoer van goederen voor buitenlandse ondernemers voor wie eiseres optreedt als fiscaal vertegenwoordiger met beperkte vergunning wegens aanwijzingen van btw-fraude door de Chinese ondernemingen die eiseres vertegenwoordigde, ongegrond.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken