Rb. Noord-Holland 22 december 2022, ECLI:NL:RBNHO:2022:11599

In geschil is de hoogte van de algemene heffingskorting en de ouderenkorting in verband met het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd. De ouderenkorting dient, op basis van de berekening, te worden vastgesteld op nihil en dit betekent dat eiser geen recht heeft op ouderenkorting. Bij de berekening van de algemene heffingskorting dient rekening te worden gehouden met het belastbare inkomen uit werk en woning. De rechtbank kan dit niet anders opvatten dan dat hiermee bedoeld is het belastbare inkomen uit werk en woning over het gehele jaar. Het bij de berekening opknippen van het verzamelinkomen in een periode voor en na het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd, zoals eiser betoogt, is in strijd met de wet en vindt geen steun in het recht. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken