Rb. Noord-Holland 19 februari 2021, ECLI:NL:RBNHO:2021:2251
Eiser heeft een bouwkundig adviesbureau en heeft voor zijn BV werkzaamheden verricht in het buitenland. De rechtbank is van oordeel dat een gebruikelijk loon in aanmerking moet worden genomen van € 44.000. Niet aannemelijk is geworden dat een passend gebruikelijk loon lager is, ook niet wanneer dit loon betrekking zou hebben op werkzaamheden die niet het hele jaar hebben geduurd. De rechtbank stelt nog vast dat eiser de vereiste aangifte niet heeft gedaan. Dit leidt echter tot geen ander resultaat dan reeds met toepassing van de normale bewijsregels is komen vast te staan. De vergrijpboete wordt verder verlaagd omdat de duur van de redelijke termijn voor berechting is overschreden.
De uitspraak op rechtspraak.nl