Rb. Noord-Holland 18 juli 2019, ECLI:NL:RBNHO:2019:6475

Verweerder heeft de bezwaren van eiseres tegen de utb’s en de ‘Mededelingen financiële aansprakelijkheid’ terecht niet-ontvankelijk verklaard. Eiseres doet op naam en voor rekening van een derde aangiften voor het brengen in het vrije verkeer van zonnepanelen. Aan de importeur zijn utb’s opgelegd. Aan eiseres zijn ‘Mededelingen financiële aansprakelijkheid’ gestuurd. De utb's zijn beschikkingen in de zin van het CDW. Eiseres wordt echter door deze beschikkingen niet rechtstreeks geraakt. Eiseres heeft de aan de utb's ten grondslag liggende aangiften slechts gedaan als direct vertegenwoordiger. Eiseres is geen douaneschuldenaar. De rechtsgevolgen voor eiseres, te weten dat zij door de douane tot betaling van deze douaneschulden wordt aangesproken, vloeit niet voort uit de douanewetgeving, maar uit de civielrechtelijke overeenkomst tussen eiseres en de importeur, die inhoudt dat eiseres de door de importeur verschuldigde rechten bij invoer aan de douane betaalt. De utb's hebben daarom voor eiseres geen rechtstreekse rechtsgevolgen De ‘Mededelingen financiële aansprakelijkheid’ moeten worden aangemerkt als informatieve brieven waarin verweerder aangeeft hoe hij tegen de mogelijk toekomstige aansprakelijkheid van eiseres voor de douaneschuld van de importeur aankijkt. In deze brieven wordt van eiseres geen betaling gevorderd, noch roepen deze brieven op andere wijze rechtsgevolgen jegens eiseres in het leven.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken