Rb. Noord-Holland 30 april 2018, ECLI:NL:RBNHO:2018:3512
OZB. Niet-woning. De huurovereenkomst is per 31 december 2016 beëindigd. Aan eiser is toegestaan de bedrijfsruimte eerst op 6 januari 2017 leeg op te leveren. De vraag of eiser op 1 januari 2017 nog gebruiker is van de bedrijfsruimte beantwoordt de rechtbank ontkennend, nu de activiteiten van eiser begin januari 2017 niet meer inhielden dan het opruimen en schoonmaken van de bedrijfsruimte, terwijl geen sprake was van de situatie waarin hij daadwerkelijk iets deed met de bedrijfsruimte. Onder verwijzing naar de wetgeschiedenis acht de rechtbank de situatie waarin een eigenaar een belangrijke mate van zeggenschap heeft over de onroerende zaak voldoende om deze als gebruiker te kunnen aanmerken, zodat de door de wetgever ongewenst geachte situatie dat geen gebruiker kan worden aangewezen zich hier niet voor doet.
De uitspraak op rechtspraak.nl