Rb. Noord-Holland 22 februari 2017, ECLI:NL:RBNHO:2017:1357
Internationale echtscheiding met nevenvoorzieningen, moeder en kind hebben gewone verblijfplaats in Colombia. De bevoegdheid van de Nederlandse rechter om kennis te nemen van de nevenvoorzieningen die samenhangen met de ouderlijke verantwoordelijkheid wordt niet door het belang van het kind gerechtvaardigd. De Colombiaanse rechter is de aangewezen rechter om hierover te oordelen. Voor zover de verzoeken van partijen strekken tot opname in de beschikking van in onderling overleg gemaakte afspraken met betrekking tot de ouderlijke verantwoordelijkheid, wordt de bevoegdheid van de Nederlandse rechter wel gerechtvaardigd door het belang van het kind, gelet op de bereidheid van partijen om te bezien of zij door middel van crossborder mediation in onderling overleg tot overeenstemming kunnen komen.
De uitspraak op rechtspraak.nl