Rb. Noord-Holland 1 april 2016, ECLI:NL:RBNHO:2016:2499
Verweerder heeft het Wob-verzoek van eiseres niet-ontvankelijk verklaard, omdat sprake is van misbruik van recht. De rechtbank volgt dit standpunt van verweerder. Het Wob-verzoek is nagenoeg gelijkluidend aan het Wob-verzoek dat een jaar eerder door de partner van haar zoon is ingediend. De rechtbank acht het uitgesloten dat de overeenkomsten tussen beide Wob-verzoeken op toeval berusten. De focus van eiseres is niet gericht op het verkrijgen van informatie maar op het incasseren van een dwangsom. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl