Rb. Noord-Holland 29 mei 2015, ECLI:NL:RBNHO:2015:4918
Kort geding. Veroordeling van middelbare school om leerling toe te laten tot het centraal eindexamen. De voorzieningenrechter is van oordeel dat de beslissing van de commissie van beroep in verband met haar inhoud en de wijze van totstandkoming naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is. De school heeft geen toepassing gegeven aan het bepaalde in artikel 5 lid 2 van het Examenbesluit. Artikel 32 van het Examenbesluit leidt niet zonder meer tot algehele uitsluiting, mede gezien het bepaalde in artikel 5 van het Examenbesluit. Uit de beslissing van de commissie blijkt onvoldoende dat de belangen van de leerling zijn meegewogen. Verder is onvoldoende gebleken dat de school heeft gewaarschuwd voor algehele uitsluiting. De commissie heeft de leerling niet gehoord, hetgeen op haar weg had gelegen.
De uitspraak op rechtspraak.nl