Rb. Noord-Holland 30 december 2015, ECLI:NL:RBNHO:2015:11685
“Vordering eiseres primair gegrond op een toerekenbare tekortkoming in de nakoming en subsidiair op onrechtmatige daad wegens het in strijd met de precontractuele goede trouw afbreken van onderhandelingen. Vorderingen eiseres (voor het grootste gedeelte) afgewezen. Geen overeenkomst tot stand gekomen tussen partijen, zodat ook geen sprake is van een toerekenbare tekortkoming in de nakoming. Wel sprake geweest van (door gedaagden) afgebroken onderhandelingen tussen partijen. Dit afbreken van de onderhandelingen valt echter onder de contractsvrijheid en is als zodanig niet als onaanvaardbaar en onrechtmatig te achten. Eiseres heeft onvoldoende feiten en omstandigheden aangevoerd waaruit het tegendeel blijkt. De handelwijze van gedaagden verdient echter niet de schoonheidsprijs. Gedaagden hebben in een eerder stadium dan ook terecht een aanbod gedaan om door eiseres gemaakte kosten te vergoeden, zodat gedaagden in deze kosten worden veroordeeld. Tevens ziet de rechtbank hierin aanleiding om de proceskosten te compenseren.”
De uitspraak op rechtspraak.nl