Rb. Noord-Holland 23 december 2015, ECLI:NL:RBNHO:2015:11644
“nietigverklaring geregistreerd partnerschap artikelen 1:32, 1:80a, 1:69, 1:77 BW en 798 RV. Nietigverklaring op verzoek van dochter van één van de twee geregistreerde partners. De omstandigheden, in onderling verband en samenhang bezien, leiden tot het oordeel dat de geestesvermogens van de man bij het aangaan van het geregistreerd partnerschap dusdanig gestoord waren dat hij -nog daargelaten of hij in staat was om zijn wil te bepalen- niet in staat was de betekenis van zijn verklaring te begrijpen.”
De uitspraak op rechtspraak.nl