Rb. Noord-Holland 29 juli 2014, ECLI:NL:RBNHO:2014:9371
Onder verwijzing naar de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 1 augustus 2012 (ECLI:NL:RVS:2012:BX3316) overweegt de rechtbank dat bij de planvergelijking niet alleen de onheffingsmogelijkheden van het schadeveroorzakende plan maar ook de ontheffingsmogelijkheden die zijn opgenomen in het daaraan voorafgaande plan buiten beschouwing moeten worden gelaten, ook in het geval indien zoals hier, dit plan onder de Wet op de Ruimtelijke Ordening tot stand is gekomen. Nu de schade-adviescommissie in het advies de vrijstellingsmogelijkheid uit artikel II.4, lid A, onder II, sub c heeft betrokken bij de maximale invulling van het bestemmingsplan en verweerder dit advies aan zijn besluitvorming ten grondslag heeft gelegd, slaagt eisers beroepsgrond. Van een deugdelijke planvergelijking is geen sprake.
De uitspraak op rechtspraak.nl