Rb. Noord-Holland 12 september 2014, ECLI:NL:RBNHO:2014:8754
Tussenuitspraak. Omgevingsvergunning voor het oprichten van een één-kamer-hotel in de vorm van een molen. Aan het bestreden besluit kleeft een drietal gebreken. Ten eerste is verweerder bij het bestreden besluit niet afgeweken van het toen geldende planologische regime. Verweerder is ten onrechte afgeweken van het bestemmingsplan in plaats van de beheersverordening. Ten tweede heeft verweerder niet onderkend dat voor het project een vergunning als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder b, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht is vereist. Met het project wordt namelijk een provinciaal monument in enig opzicht gewijzigd dan wel verstoord. Ten derde wijkt het plangebied van het onderhavige project dat is weergegeven op de bij het bestreden besluit behorende tekeningen afwijkt van het plangebied van het project dat is weergegeven op de website www.ruimtelijkeplannen.nl. De rechtbank ziet geen aanleiding te oordelen dat het project niet is voorzien van een goede ruimtelijke onderbouwing. De rechtbank is voorts van oordeel dat verweerder zich in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat eisers niet onevenredig in hun belangen worden geraakt ten gevolge van het project. Verweerder wordt in de gelegenheid gesteld de gebreken te herstellen.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 1:2 Awb
- Artikel 8:1 Awb
- Artikel 8:51a Awb
- Artikel 8:51b Awb
- Artikel 8:69a Awb
- Artikel 8:80a Awb
- Artikel 2 Ffw
- Artikel 75b Ffw
- Artikel 75c Ffw
- Artikel 3.39 Wet ruimtelijke ordening
- Artikel 6.12 Wet ruimtelijke ordening
- Artikel 6.18 Wet ruimtelijke ordening
- Artikel 8.2 Wet ruimtelijke ordening
- Artikel 2.1 Wabo
- Artikel 2.2 Wabo
- Artikel 2.10 Wabo
- Artikel 2.12 Wabo
- Artikel 6.4 Bor
- Artikel 6.5 Bor