Rb. Midden-Nederland 5 juni 2025, ECLI:NL:RBMNE:2025:2650

Kort geding huur. In conventie vraagt eisende partij ontruiming van de woning door gedaagde partijen en betaling van diverse bedragen. Volgens eisende partij verblijven gedaagde partijen zonder recht en titel in de woning. De kantonrechter geeft eisende partij ongelijk. De gedaagde partijen hoeven de woning niet te verlaten want van verblijf zonder recht en titel is geen sprake. Daarnaast worden de vorderingen tot betaling van verschillende bedragen afgewezen. In reconventie vragen gedaagde partijen 1 en 2 om verwijdering van de camera in de woning en om de aansluiting voor gas en elektriciteit in de woning te herstellen. De vorderingen van gedaagde partijen 1 en 2 worden deels toegewezen. Eisende partij (in conventie) moet de camera in de woning verwijderen. De vordering tot herstel van de aansluiting voor gas en elektriciteit wordt wegens ontbreken van spoedeisend belang afgewezen. Eisende partij wordt als de partij die ongelijk krijgt in conventie en reconventie in de proceskosten veroordeeld.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen