Rb. Midden-Nederland 18 december 2024, ECLI:NL:RBMNE:2024:6897
Vrijspraak voor dood door schuld. De twee maanden oude zoon van verdachte is door de hond van verdachte gebeten met ernstig hoofd- en hersenletsel tot gevolg. Door deze verwondingen is de zoon van verdachte overleden. De strafrechtelijke ‘schuld’ als bedoeld in artikel 307 Sr kan niet wettig en overtuigend worden bewezen. Verdachte wordt wel veroordeeld voor het onvoldoende onschadelijk houden van een gevaarlijk dier dat onder de hoede stond van verdachte (artikel 425 Sr), Toepassing van artikel 9a Sr (schuldigverklaring zonder straf of maatregel) omdat het opleggen van een straf niet passend is, gelet op de omstandigheden waaronder het feit heeft plaatsgevonden.
De uitspraak op rechtspraak.nl