Rb. Midden-Nederland 31 januari 2024, ECLI:NL:RBMNE:2024:625
De rechtbank wijst de vorderingen grotendeels toe. Er is sprake van een ongeoorloofde situatie o.g.v. artikel 5:50 lid 1 BW door de aanwezigheid van ramen binnen twee meter afstand van de erfgrens. Gedaagden hebben geen recht van erfdienstbaarheid op uitzicht en licht verkregen door verjaring (artikel 5:72 BW), omdat zij geen bezit hadden. Artikel 5:50 lid 4 BW mist daarom toepassing. Dat betekent dat eiser de ramen mag dichtbouwen. Daarmee maakt eiser geen misbruik van haar bevoegdheid en handelt zij ook niet in strijd met de maatstaven van redelijkheid en billijkheid.
De uitspraak op rechtspraak.nl