Rb. Midden-Nederland 31 januari 2024, ECLI:NL:RBMNE:2024:597

Het Uwv heeft de afgewezen aanvraag van eiser om hem met terugwerkende kracht een WAO-uitkering toe te kennen aangemerkt als een herhaalde aanvraag. Eiser stelt dat zijn huidige aanvraag is gebaseerd op een andere rechtsgrondslag, namelijk op grond van artikel 29 van de Wet OOW en dus een nieuwe aanvraag betreft. De rechtbank volgt eiser hierin niet. De huidige aanvraag van eiser ziet op een aanspraak op een WAO-uitkering met ingang van dezelfde datum als waar in de vorige verzoeken om werd verzocht. Een zelfstandig verzoek om dezelfde aanspraak op een WAO-uitkering op grond van de Wet OOW (via de Abp-wet) dat direct en uitsluitend aan deze wetten wordt getoetst, zonder eerst aan de WAO te toetsen, is naar het oordeel van de rechtbank niet mogelijk. Het Uwv heeft de aanvraag terecht als een herhaalde aanvraag aangemerkt. Het Uwv heeft deze aanvraag terecht met toepassing van artikel 4:6, tweede lid, van de Awb afgewezen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken