Rb. Midden-Nederland 22 september 2020, ECLI:NL:RBMNE:2020:4010

Ontzegging toegang tot gemeenteraadsvergaderingen De burgemeester van [plaatsnaam] heeft een inwoner van [plaatsnaam] voor drie maanden de toegang ontzegd tot vergaderingen van de gemeenteraad, omdat hij notoir de orde verstoort. De burgemeester heeft deze bevoegdheid op grond van artikel 26, tweede lid, van de Gemeentewet. De voorzieningenrechter overweegt dat dit een ingrijpende maatregel is, waarmee het spoedeisend belang bij een uitspraak van de voorzieningenrechter is gegeven. De voorzieningenrechter overweegt allereerst dat deze bevoegdheid de burgemeester niet alleen toekomt als sprake is van geweld of vernielingen zoals verzoeker stelt. In het Reglement van orde worden ook het uiten van beledigende of onbetamelijke taal en het afwijken van het in behandeling zijnde agendapunt aangemerkt als ordeverstoring en de voorzieningenrechter onderschrijft dit. Dit geldt voor mondelinge inspraakreacties tijdens de vergadering zelf, maar ook voor schriftelijke inspraakreacties. De voorzieningenrechter is van oordeel dat verzoeker zich hier inderdaad schuldig aan heeft gemaakt. Verzoeker bedient zich herhaaldelijk van onaangenaam getoonzette teksten in relatie tot personen en houdt zich niet bij de ter bespreking voorliggende agendapunten. Verweerder heeft daar enkele voorbeelden van genoemd. Ook heeft verweerder gemotiveerd uiteengezet dat raadsleden zich belemmerd voelen in de uitvoering van hun werkzaamheden door de verstoringen door verzoeker. Raadsleden ondervinden hinder van zijn gedrag en zijn onbetamelijke teksten. De burgemeester heeft zijn bevoegdheid daarom aan kunnen wenden. En het is niet zo dat hij daarover eerst een gesprek had moeten voeren met verzoeker. De burgemeester is hiertoe niet verplicht en bovendien was verzoeker bij brief van 20 februari 2020 al gewaarschuwd dat hij zich aan de regels voor inspraak diende te houden, omdat anders andere maatregelen zouden moeten volgen. Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen. Ten overvloede geeft de voorzieningenrechter partijen mee dat het geen kwaad kan om met elkaar in gesprek te gaan.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen