Rb. Midden-Nederland 23 juli 2019, ECLI:NL:RBMNE:2019:3452

subsidievaststelling, korting, meldplicht, registratie 1:3, 6:13 en 4:46, tweede lid, aanhef en onder b, van de Awb, Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS, beleidsregels handhaving subsidiebepalingen VWS In het primaire besluit heeft verweerder de subsidie voor eiseres lager vastgesteld dan waar zij om heeft verzocht. Reden voor de korting is dat eiseres bepaalde vooraf aangekondigde activiteiten niet heeft uitgevoerd en dat er activiteiten zijn uitgevoerd buiten de projectperiode. Ook is eiseres opgenomen in de interne departementale registratie voor ernstige onregelmatigheden bij subsidies. In beroep komt eiseres op tegen de korting en de opname in de registratie. De rechtbank overweegt dat eiseres niet in bezwaar is opgekomen tegen de registratie en dat artikel 6:13 van de Awb eraan in de weg staat om dit deel van het besluit alsnog bij het beroep te betrekken. Bovendien is opname in een register volgens vaste rechtspraak geen besluit in de zin van artikel 1:3 van de Awb. Verweerder heeft verder een korting mogen opleggen, omdat eiseres niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij heeft gemeld dat zij bepaalde activiteiten niet zou gaan uitvoeren. Zij heeft daarvan namelijk niet zoals voorgeschreven een schriftelijke melding gedaan. De bewijslast dat verweerder desondanks wist dat eiseres bepaalde activiteiten niet meer zou gaan uitvoeren ligt bij eiseres. Zij heeft onvoldoende bewijs aangedragen. Deze zaak is niet te vergelijken met een eerdere procedure van eiseres bij de rechtbank, waarbij haar ten onrechte onderbesteding is verweten. Hier gaat het om het niet uitvoeren van activiteiten en het vervolgens niet melden daarvan. Ook kan eiseres geen aanspraak maken op subsidie voor activiteiten die niet in de projectperiode zijn uitgevoerd. Het beroep slaagt niet.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken