Rb. Midden-Nederland 13 maart 2019, ECLI:NL:RBMNE:2019:1222
Verzoek om inzage in persoonsdossiers voor wetenschappelijk onderzoek terecht afgewezen. Artikel 23 van de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) Samenvatting: Voor wetenschappelijk onderzoek heeft eiseres bij het Nationaal Archief gevraagd om inzage in de persoonsdossiers van 281 personen. Zij heeft voor 59 personen geen toestemming gekregen om de persoonsdossiers in te zien. Volgens eiseres is dit onterecht. De rechtbank deelt dit standpunt niet. Aan de openbaarheid van de persoonsdossier die eiseres wil inzien zijn beperkingen gesteld en kunnen niet worden geraadpleegd. Voor het doen van wetenschappelijk onderzoek kan hier – onder bepaalde voorwaarden – een uitzondering op worden gemaakt (artikel 23, tweede lid, van de Wbp). Eiseres voldoet echter niet aan die voorwaarden. Zo heeft zij niet aangetoond dat het vragen van uitdrukkelijke toestemming of het tonen van overlijdensbewijzen van de desbetreffende personen onmogelijk is óf het verkrijgen hiervan onevenredige inspanning kost. Dat die voorwaarde voor haar niet geldt vanwege een eerder gegeven toestemming, volgt de rechtbank niet. Niet is gebleken van een concrete en ondubbelzinnige toezegging. Voor zover toestemming is gegeven zonder dat om een overlijdensakte is gevraagd, had verweerder deze lijn niet verder hoeven of zelfs mogen doorzetten gelet op de daarbij betrokken (zwaarwegende) belangen van privacy.
De uitspraak op rechtspraak.nl