Rb. Midden-Nederland 19 oktober 2018, ECLI:NL:RBMNE:2018:5213
Bezoldiging bestuurder ziekenhuis; vaste gedragslijn; geen uitzonderlijk geval; geen inmenging eigendomsrecht. artikel 2.4 WNT; artikel 1 Eerste Protocol bij het EVRM Uitzondering op de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT-norm) kan alleen in exceptionele gevallen. Volgens de vaste gedragslijn kan van een exceptioneel geval in beginsel alleen sprake zijn als de zorginstelling een omzet heeft van meer dan € 500 miljoen. De rechtbank acht dat uitgangspunt, gezien de toelichting van verweerder, niet onredelijk. Verweerder heeft daarnaast gekeken naar de complexe situatie van eiseres en de individuele omstandigheden van de bestuurder. Het conflict met de medische staven is niet zodanig uitzonderlijk dat dit zeer bijzondere leiderschapsvaardigheden vereist die het vervullen van de functie bij hantering van de WNT2-norm zodanig bemoeilijkt dat afwijking van die norm wordt gerechtvaardigd. De rechtbank betrekt bij haar oordeel dat de gezochte bestuurder daadwerkelijk door eiseres is gevonden en vervolgens per 1 mei 2016 is aangesteld. Verweerder heeft ook mogen meewegen dat de omzet van eiseres niet in ruime mate boven de € 300 miljoen ligt, wat de functiezwaarte en de vereiste kwaliteiten van de betrokken bestuurder niet uitzonderlijk maakt. De functiezwaarte van de bestuursvoorzitter van een universitair medisch centrum zoals het UMC Utrecht, is niet gelijk aan die van de bestuursvoorzitter van eiseres. Er is geen sprake van inmenging in het door artikel 1 EP beschermde eigendomsrecht van eiseres of in dat van haar bestuurder. Dat het overgangsrecht WNT ook niet beoogde effecten heeft, betekent niet dat verweerder het verzoek van eiseres om uitzondering van de WNT norm niet heeft mogen afwijzen.
De uitspraak op rechtspraak.nl