Rb. Midden-Nederland 20 september 2017, ECLI:NL:RBMNE:2017:5817
Werknemer maakt aanspraak op betaling van een toelage voor gebroken diensten en onregelmatigheidstoeslag ex art 20 lid 3 CAO Openbaar Vervoer (ouderenregeling). Dit betreft een toeslag. De gewone regeling ex art 33/34 van de CAO voor gebroken diensten en onregelmatigheid is een toelage. De werkgever heeft op grond van artikel 29 lid 3 van de CAO na overleg en instemming met de ondernemingsraad de toelage te middelen. Werkgever heeft vervolgens de toeslag van werknemer gemiddeld. Werknemer verzet zich tegen deze middeling. Uitleg van de CAO volgens de CAO-norm. De CAO maakt uitdrukkelijk onderscheid tussen ‘toelagen’ en ‘toeslagen’. Als gevolg van zijn leeftijd komt [eiser] in aanmerking voor een ‘toeslag’ voor onregelmatige en gebroken diensten ingevolge artikel 20 lid 3 CAO. Werkgever heeft ten onrechte die toeslag gemiddeld, omdat de CAO slechts na overleg met de ondernemingsraad voorziet in de mogelijkheid om toelagen te middelen en dus niet toeslagen.
De uitspraak op rechtspraak.nl