Rb. Midden-Nederland 12 april 2016, ECLI:NL:RBMNE:2016:3731

Eiser heeft zorg ingekocht bij de stichting Vrienden van Tom en/of [naam VOF]. De rechtbank is van oordeel dat het zorgkantoor bevoegd was de toekenningsbeschikkingen te wijzigen en tot terugvordering van het onverschuldigd betaalde bedrag over te gaan. Er is geld overgemaakt naar de privé-bankrekening van de bestuurder van de stichting, waarvan niet aannemelijk is geworden dat hier AWBZ-zorg tegenover heeft gestaan. Verder heeft de bestuurder geld overgemaakt naar een rekening van eiser. De stelling dat sprake is van een lening is niet onderbouwd, maar past in de werkwijze die Brinkerink hanteerde. Dat geldt ook voor het vooraf betalen van zorg. Eiser heeft hier niets tegenover gesteld. Niet kan worden vastgesteld dat het pgb daadwerkelijk is besteed aan AWBZ-zorg. Verweerder heeft terecht geconcludeerd dat eiser de verplichtingen, verbonden aan het pgb, niet is nagekomen. Verweerder heeft de belangenafweging in het nadeel van eiser mogen laten uitvallen en het belang van handhaving boven het belang van eiser kunnen laten prevaleren. Van onaanvaardbare financiële of psychische gevolgen van de terugvordering is niet gebleken. Het beroep is ongegrond.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken