Rb. Midden-Nederland 29 april 2015, ECLI:NL:RBMNE:2015:2954
Kort geding. Het gaat in deze zaak om een vrijwillig door een aanbestedende dienst (een gemeente) georganiseerde meervoudige onderhandse aanbestedingsprocedure met betrekking tot een concessie voor diensten. Geen sprake van rechtsverwerking. In aanbestedingsstukken is opgenomen dat de zittende exploitant een matchingsrecht heeft, hetgeen inhoudt dat hij het winnende bod, zo hij dat zelf niet heeft gedaan, mag evenaren. Geoordeeld wordt dat dit matchingsrecht in strijd is met het uitgangspunt dat alle inschrijvers gelijk moeten worden behandeld. Dit kan echter niet tot toewijzing leiden van het gevorderde verbod om concessie alsnog aan inschrijver met economisch meest voordelige inschrijving te gunnen.
De uitspraak op rechtspraak.nl