Rb. Midden-Nederland 20 april 2015, ECLI:NL:RBMNE:2015:2691

AWB 14/6869 Artikel 4:89, eerste lid, Awb, betaling dwangsom op eigen bankrekening uitgesloten, bevrijdende betaling. Tussen partijen is niet in geschil dat de gemachtigde van eiser bevoegd was om namens eiser de vebeurde dwangsom wegens het niet tijdig beslissen te innen. Door de verbeurde dwangsom uit te betalen op een door eiser rechtsgeldig uitgesloten bankrekening heeft verweerder in strijd gehandeld met artikel 4:89, eerste lid, van de Awb. Dat eiser aan de betaalde dwangsom geen bestemming kon geven en het is verrekend met schulden omdat zijn bankrekening een debetstand vertoonde, betekent evenwel niet dat de betaling niet te zijner beschikking is gekomen. In dit geval moet de betaling van de dwangsom op de door eiser rechtsgeldig uitgesloten bankrekening toch als nakoming van de verbintenis tot betaling van een geldsom worden aangemerkt. Verweerder heeft eiser daarmee bevrijdend betaald.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken