Rb. Midden-Nederland 31 december 2013, ECLI:NL:RBMNE:2013:7465

Het verzoek heeft betrekking op verslagen en maandoverzichten van de toenmalige Binnenlandse Veiligheidsdienst over de jaren 1959 tot en met 1969. Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2002 (Wiv 2002) is een uitputtend openbaarheidsregeling die als bijzondere regeling voorrang heeft boven die van de Wob. Op grond hiervan mag verweerder persoonsgegevens als zodanig weigeren openbaar te maken. Verweerder heeft evenwel ten onrechte niet gemotiveerd waarom persoonsgegevens van ‘zeer bekend veronderstelde personen’ niet openbaar mogen worden gemaakt. Ook heeft verweerder naast persoonsgegevens als zodanig ook functies geweigerd openbaar te maken. Deze gegevens vallen niet onder het gesloten stelsel van de Wiv 2002. Verweerder heeft verder de rubricering op de documenten geweigerd openbaar te maken terwijl deze informatie feitelijk wel door verweerder wordt vrijgegeven op de inventarislijst. Geen grond voor het oordeel dat openbaarmaking van de rubricering op de documenten leidt tot onevenredig nadeel. Verweerder heeft verder ten onrechte zonder nadere motivering informatie in documenten geweigerd openbaar te maken omdat dit de veiligheid van de Staat zou schaden. Ook heeft verweerder ten onrechte informatie geweigerd openbaar te maken omdat het zou gaan om persoonlijke beleidsopvattingen. Eiser heeft niet aannemelijk gemaakt dat verweerder over nog meer stukken beschikt die vallen binnen de reikwijdte van zijn verzoek. De rechtbank stelt verweerder in de gelegenheid om de geconstateerde gebreken te herstellen en draagt verweerder overigens op om tot openbaarmaking van gegevens over te gaan.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken