Rb. Midden-Nederland 12 december 2013, ECLI:NL:RBMNE:2013:6260

Intrekking besluit dat voor onbepaalde tijd is verleend, intrekking geluidsdocument dat voor onbepaalde tijd is verleend. Wetsartikelen: Wet luchtvaart Samenvatting: Door een fout is aan eiser een geluidsdocument voor onbepaalde tijd verstrekt. Met ingang van 1 mei 2007 was een geluidsmeetrapport vereist. Dat een geluidscertificaat vereist is en dat daaraan met ingang van 1 mei 2007 een geluidsmeetrapport ten grondslag moet worden gelegd, ligt vast in de Wet luchtvaart, dus in een wet in formele zin. Op grond van artikel 120 van de Grondwet en artikel 11 van de Wet algemene bepalingen staat het de rechtbank niet vrij om formele wetgeving te toetsen op haar grondwettigheid, dan wel de innerlijke waarde of billijkheid van die wet te toetsen. De rechtbank kan een wet in formele zin alleen dan buiten toepassing verklaren als en voor zover deze onmiskenbaar in strijd is met het Unierecht of met een ieder verbindende verdragsbepalingen. De rechtbank vindt in de beroepsgronden geen aanleiding te oordelen dat dat het geval is. De rechtbank ziet ook geen aanleiding om de lagere regelgeving op dit punt onverbindend te achten wegens strijd met de hogere regelgeving. Dit betekent dat eisers geluidsdocument sinds 1 mei 2007 niet meer een geluidsdocument is dat voldoet aan de nationale en internationale wet- en regelgeving, omdat aan het geluidsdocument van eiser geen geluidsmeetrapport ten grondslag is gelegd. Gelet op het feit dat een geluidsmeetrapport een wettelijk vereiste is voor afgifte van een speciaal BvL, was verweerder dus in beginsel gerechtigd het geluidsdocument van eiser dat voor onbepaalde tijd was afgegeven in 2012 in te trekken. Van een onjuiste toepassing van de toepasselijke wet- en regelgeving door verweerder is geen sprake. Ook geen strijd met rechtszekerheidsbeginsel en vertrouwensbeginsel.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken