Rb. Midden-Nederland 25 september 2013, ECLI:NL:RBMNE:2013:3871
Vovo, alcoholslotprogramma, punitieve sanctie, evenredigheidsbeginsel. Wvw 130, 132a, 132b, 132c Samenvatting: Voorlopige voorziening hangende bezwaar. Aan verzoeker is een alcoholslotprogramma opgelegd. Verzoeker is in het bezit van een B en een E achter B-rijbewijs. Verzoeker is eigenaar van een onderneming waarin hij twee soorten werkzaamheden uitvoert: specialistische schoonmaakwerkzaamheden en beveiliging bij bedrijven. Verzoeker verhuurt zichzelf dan als beveiliger en doet aan alarmopvolging, afsluitrondes bij bedrijven en receptiediensten. Daarnaast verhuurt verzoeker zichzelf als schoonmaker bij een ander bedrijf. Verzoeker heeft aangevoerd dat hij voor zijn eigen onderneming zijn BE-rijbewijs nodig heeft omdat hij een speciale aanhangwagen heeft met daarin een tank met een inhoud van 1000 liter. Hiermee tankt hij voor elke klus bij een speciaal tankstation water voor de glasbewassing. Voor deze aanhangwagen is een BE-rijbewijs verplicht. Daarnaast moet verzoeker voor zijn beveiligingswerkzaamheden in auto's rijden van diverse bedrijven. Hetzelfde geldt voor de andere schoonmaakwerkzaamheden die hij verricht. De voorzieningenrechter oordeelt onder verwijzing naar een uitspraak van de meervoudige kamer van deze rechtbank dat sprake is van een punitieve sanctie is in de zin van artikel 6, tweede en derde lid, van het EVRM. Verweerder moet bij de heroverweging in bezwaar de oplegging van het ASP aan het evenredigheidsbeginsel toetsen. Op dit moment bestaat geen aanleiding om te oordelen dat het belang van verzoeker moet prevaleren boven het verkeersveiligheidsbelang. Vovo afgewezen.
De uitspraak op rechtspraak.nl