Rb. Middelburg 19 augustus 2009, ECLI:NL:RBMID:2009:BK8414
De feiten in het incident. Stemcor c.s. vorderen in de hoofdzaak -verkort weergegeven- veroordeling van Pan Ocean tot betaling van een bedrag van € 61.019,40, vermeerderd met rente en kosten. Aan deze vordering hebben Stemcor c.s., kort en zakelijk weergegeven, het volgende ten grondslag gelegd. - op of omstreeks 29 mei 2006 is aan Pan Ocean te Surabaya (Indonesië) voor het vervoer naar de haven van Vlissingen overgegeven een partij staalplaten; - ten aanzien van deze lading werd door Pan Ocean een zestal cognossementen (POBUSBAFLS60019 t/m POBUSBAFLS60024) afgegeven, welke namens haar door haar scheepsagent, PT Karana Line Surabaya Branch, zijn ondertekend; - deze lading is vervolgens met het ms Go Pride, varende onder Bahamaanse vlag, van Surabaya naar Vlissingen vervoerd; - op 11 en 12 september 2006 is de lading door eiseres sub 2 in de haven van Vlissingen gelost. Hierbij werd geconstateerd dat een gedeelte van de staalplaten beschadigd was; - Stemcor c.s. stellen dat de partij staalplaten tijdens het vervoer over zee gedeeltelijk beschadigd is geraakt en dat Pan Ocean als vervoerder onder het cognossement jegens eiseressen aansprakelijk is voor het ontstaan van de schade aan de partij staalplaten, alsmede voor de schade die daarvan het gevolg is geweest. De vordering in het incident. Pan Ocean beroept zich op onbevoegdheid van de rechtbank. Zij stelt dat de cognossementen waarop Stemcor c.s. hun vorderingen baseren een eenduidige forumkeuze ten gunste van de rechter te Seoul, Zuid-Korea, bevatten. Op grond hiervan is de rechtbank niet bevoegd om van de gepretendeerde vordering van Stemcor c.s. kennis te nemen.
De uitspraak op rechtspraak.nl