Rb. Middelburg 23 augustus 2001, ECLI:NL:RBMID:2001:AD4838
Karakter van de richtlijn - met betrekking tot voortduring van de bijzondere tandheelkunde - van de voormalige Ziekenfondsraad als overgangsregeling miskend. In casu is door verweerder het karakter van de richtlijn - m.b.t. voortduring van de bijzondere tandheelkunde - van de voormalige Ziekenfondsraad als overgangsregeling miskend. Afwijzing verzoek om vergoeding van de kosten van tandheelkundige behandeling tot plaatsing van een brug, ter vervanging van een in 1980 geplaatste brug, die door breuk verloren is gegaan. Verweerder heeft zijn bestreden besluit mede gegrond op het advies van het College voor Zorgverzekeringen (CVZ). Rechtbank: De voormalige Ziekenfondsraad heeft bij de eerste evaluatie van de Regeling tandheelkundige hulp ziekenfondsverzekering in 1995 met bertrekking tot de voortduring van de bijzondere tandheelkunde een richtlijn vastgesteld. Het CVZ heeft het eerste gedeelte van de richtlijn in zijn advies aldus uitgelegd dat nagegaan moet worden of op basis van de nieuwe regeling nog een indicatie aanwezig is voor bijzondere tandheelkunde. Die uitleg miskent naar het oordeel van de rechtbank het karakter van de richtlijn als overgangsregeling. Een dergelijke regeling is immers juist bedoeld om nadelige effecten van een nieuwe regeling voor degene die eerder onder de werking van een voor de betrokkene gunstiger regeling een voorziening hebben gekregen te matigen. Daarbij past niet het zonder meer hanteren van de nieuwe ongunstiger regeling, zoals verweerder op basis van het CVZ advies heeft gedaan. Naar het oordeel van de rechtbank moet het eerste deel van de richtlijn worden uitgelegd in die zin dat nagegaan wordt of de oorspronkelijke indicatie - de toenmalige tandheelkundige toestand - te weten de oligodontie, ook thans nog aanwezig is. Die feitelijke toestand is ook nu nog aanwezig. Daarvan uitgaande dient verweerder dan vervolgens conform het tweede gedeelte van de richtlijn alsnog te bezien of thans de noodzaak tot uitgebreide hulp bestaat. Beroep gegrond; verweerder dient nieuw besluit te nemen. Stichting Centrale Zorgverzekeraars groep Ziekenfonds, verweerder. mr. T. Damsteegt ZFW 74 Verstrekkingenbesluit Ziekenfondsverzekering 2.1, 7.2 Regeling tandheelkundige hulp ziekenfondsverzekering 6, 8.1.
De uitspraak op rechtspraak.nl