Rb. Maastricht 23 april 2009, ECLI:NL:RBMAA:2009:BI2162
De onderhoudsplichtige [L] heeft als eerste en meest verstrekkende verweer met een beroep op het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen (HvJ EG) van 15 januari 2004, C-433/01 inzake Freistaat Bayern/Jan Blijdenstein (LJN: AU3041) opgeworpen dat de Nederlandse rechter in deze zaak geen internationale rechtsmacht toekomt. Volgens [ L] had hij in deze zaak dienen te worden opgeroepen voor het gerecht van zijn woonplaats, derhalve voor een Duits gerecht. Volgens de rechtbank slaagt dat verweer. De rechtbank komt tot het oordeel dat de bijzondere bevoegdheid van artikel 5, tweede lid, van de EEX-Verordening niet van toepassing is op de vordering waarmee de gemeente besluit op [L] als onderhoudsplichtige verhaal in rechte te zoeken van mede ten behoeve van het minderjarige kind van [L] gemaakte kosten van bijstand.
De uitspraak op rechtspraak.nl