Rb. Maastricht 30 december 2008, ECLI:NL:RBMAA:2008:BH0388

Het verzoek van verweerder om ten aanzien van het advies en het aanvullend advies van het LBB toepassing te geven aan het bepaalde in artikel 8:29 van de Awb heeft de rechtbank, in een andere samenstelling, niet gehonoreerd op de grond dat zich geen gewichtige redenen voordoen voor een beperkte kennisneming van die stukken. Op verzoek van verweerder zijn die stukken vervolgens geretourneerd. De rechtbank is van oordeel dat verweerder door zijn keuze om het advies en het aanvullend advies van het LBB niet over te leggen, niet heeft voldaan aan zijn uit artikel 8:42, eerste lid, van de Awb voortvloeiende verplichting alle op de zaak betrekking hebbende stukken aan de rechtbank over te leggen. Die keuze brengt mee dat het de rechtbank vrijstaat daaraan - gemotiveerd - de gevolgtrekkingen te verbinden die haar geraden voorkomen. Dat betekent in dit geval dat de rechtbank de overwegingen in het bestreden besluit, voor zover deze betrekking hebben op de adviezen van het LLB, als niet dragend voor de motivering van de geweigerde bouwvergunning beschouwt. Daardoor berust de weigering om eiser bouwvergunning te verlenen op een niet inzichtelijke en voor de rechtbank niet toetsbare - en alles bijeengenomen daarom ondeugdelijke - motivering. Volgt vernietiging van het bestreden besluit.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen