Rb. Maastricht 13 november 2007, ECLI:NL:RBMAA:2007:BB7685
Achteruit met personenauto terras op rijden niet gekwalificeerd als roekeloos rijgedrag. Verdachte wilde, nadat hij de door hem bestuurde personenauto, voorzien van een automatische versnelling, tot stilstand had gebracht en een voorbijganger de weg had gevraagd, zijn weg vooruitrijdend vervolgen. Hij duwde daartoe de versnellingspook van de “N”-stand” (neutraal), naar voren. Uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat bij de onderhavige auto, vanuit de “N”-stand” de versnellingspook, naar achteren moet worden bewogen om vooruit te kunnen wegrijden. Wanneer de versnellingspook naar voren wordt bewogen komt de versnelling in de “R”-stand” (reverse – achteruit) terecht. Nadat de verdachte gas gaf om vooruit weg te rijden, reed de auto voor verdachte plotseling achteruit. De rechtbank kwalificeert de gedraging van verdachte, ondanks dat zij heeft vastgesteld dat verdachte alcoholhoudende drank had genuttigd ten tijde van het gebeurde, niet als roekeloos, maar als aanmerkelijk onvoorzichtig en onoplettend. Het feit dat verdachte, kennelijk in paniek na het achteruitrijden ook nog enige meters vooruit reed doet aan het vorenstaande niet af, temeer daar verdachte heeft verklaard slechts enkele malen in de auto (met automatische versnelling) te hebben gereden.
De uitspraak op rechtspraak.nl