Rb. Maastricht 16 oktober 2006, ECLI:NL:RBMAA:2006:BB1158
De Provincie heeft op 15 mei 1996 in het kader van de Subsidieregeling ESF doelstelling 4 Scholing voor behoud van werk (Stcrt. 1995, 83) bij verweerder een aanvraag ingediend, strekkende tot toekenning van subsidie voor het kaderproject Experimenteel programma scholing voor behoud van werk in Limburg, projectnummer 95/D4/008. Bij besluit van 1 oktober 1996 heeft het hoofd van het Bureau Uitvoering Europese Subsidieinstrumenten (BUESI) ten behoeve van het kaderproject Kaderprogramma ESF-4 1995-1996 voor maximaal ƒ 13.950.000,-- subsidie verleend onder de voorwaarden zoals vermeld in de bij de beschikking behorende bijlagen. Naar aanleiding van diverse artikelen in dagbladen over mogelijk onrechtmatige besteding van ESF-gelden door of met hulp van Abb heeft op 23 oktober 2001 op initiatief van BUESI een gesprek met de Provincie plaatsgevonden. Bij besluit van 29 maart 2002 heeft verweerder het bedrag aan totale subsidiabele kosten voor het project Experimenteel programma scholing voor behoud van werk in Limburg (clusters A-K) vastgesteld op € 12.059.059,15. Met betrekking tot ESF-4 bestaat recht op een totaal subsidiebedrag van € 3.679.935,65. De subsidievaststelling heeft tot gevolg dat een verrekening moet plaatsvinden met reeds betaalde voorschotten. In het onderhavige geval betekent dit dat een bedrag van € 552.992,91 wordt teruggevorderd. Uitspraak vernietigd door Raad van State; LJN BB0809
De uitspraak op rechtspraak.nl