Rb. Limburg 10 februari 2026, ECLI:NL:RBLIM:2026:1394
De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een poging tot doodslag door met een bestelbus met een zwaar beladen aanhanger op het slachtoffer in te rijden en over zijn benen heen te rijden. Daarnaast heeft hij zich schuldig gemaakt aan huiselijk geweld door zijn toenmalige partner te slaan, trappen en bijten en haar te bedreigen. Ook heeft hij een gasalarmpistool in zijn woning voorhanden gehad. De verdachte is vrijgesproken van het rijden onder invloed van cocaïne en/of alcohol en een poging tot zware mishandeling van zijn toenmalige partner. De rechtbank heeft de verdachte een gevangenisstraf van vier jaar waarvan zes maanden voorwaardelijk met aftrek van de tijd die de verdachte al in voorarrest heeft doorgebracht en met een proeftijd van drie jaren en bijzondere voorwaarden opgelegd. Daarnaast is aan de verdachte een rijontzegging van twee jaren opgelegd, omdat hij de bestelbus als wapen heeft ingezet. De verdachte dient zijn toenmalige partner een bedrag van € 2.755,56 te betalen aan schadevergoeding.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 14a Sr
- Artikel 14b Sr
- Artikel 14c Sr
- Artikel 36f Sr
- Artikel 45 Sr
- Artikel 57 Sr
- Artikel 285 Sr
- Artikel 287 Sr
- Artikel 300 Sr
- Artikel 67a Sv
- Artikel 359 Sv
- Artikel 6:106 BW6
- Artikel 1 Wet op de identificatieplicht
- Artikel 8 WVW
- Artikel 179a WVW
- Artikel 13 WWM
- Artikel 55 WWM
- Artikel 2 Besluit alcohol, drugs en geneesmiddelen in het verkeer
- Artikel 17 Besluit alcohol, drugs en geneesmiddelen in het verkeer