Rb. Limburg 19 juli 2024, ECLI:NL:RBLIM:2024:4615

Verzoek om een voorlopige voorziening met betrekking tot de omgevingsvergunning voor het tijdelijk afdammen van de Geleenbeek tussen N276 en de Holtummerweg in Born ten behoeve van de herinrichting Geleenbeek Oude Rijksweg. De voorzieningenrechter is van oordeel dat verweerder bij vergunningverlening niet onzorgvuldig en partijdig heeft gehandeld. Daarnaast overweegt de voorzieningenrechter dat verweerder op zitting heeft aangegeven dat het belang van de werking van de molen bij het besluit is betrokken, maar dit blijkt niet uit het besluit. Uit het verweerschrift en de toelichting door verweerder op zitting blijkt dat de afdamming slechts ongeveer drie dagen in beslag zal nemen en dat dit nodig is voor de werkzaamheden tussen de N276 en de afslagtak. De voorzieningenrechter is van oordeel dat verweerder aan het belang bij de uitvoering van het projectplan een zwaarder gewicht heeft kunnen toekennen dan aan het belang van de werking van de molen, gelet op de beperkte duur van de afdamming en het ontbreken van een onderbouwing van de gestelde schade. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen