Rb. Limburg 29 mei 2024, ECLI:NL:RBLIM:2024:3131
Civiel recht. Bodemzaak. Schadestaat. De vraag die de rechtbank moet beantwoorden, is welke klachten van eiser door de mishandeling door gedaagde zijn veroorzaakt, tot welke beperkingen die klachten leiden en welke schade eiser als gevolg daarvan lijdt. Diverse verweren verworpen (art. 6 EVRM, beginselen van een goede procesorde, stelplicht en art. 21 Rv.) Bezwaren tegen rapporten van door de rechtbank benoemde deskundigen niet steekhoudend. Geen eigen schuld. Beroep op voordeelstoerekening verworpen. Geen verjaring wettelijke rente. Verweer uitvoerbaarheid bij voorraad slaagt niet.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 21 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 233 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 239 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 241 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 6:96 BW6
- Artikel 6:97 BW6
- Artikel 6:100 BW6
- Artikel 6:101 BW6
- Artikel 6:119 BW6
- Artikel 3:12 BW3
- Artikel 3:312 BW3
- Artikel 3:324 BW3
- Artikel 6 EVRM