Rb. Limburg 1 februari 2023, ECLI:NL:RBLIM:2023:1093
Vordering wijziging verdeling voormalige echtelijke woning afgewezen vanwege bekrachtiging ex 3:55 BW. Moment van verdeling. Invloed levering. Start vervaltermijn ex art. 3:200 BW. “Als verdeling wordt aangemerkt iedereen rechtshandeling waartoe alle deelgenoten medewerken en krachtens welke een of meer van hen een of meer goederen der gemeenschap met uitsluiting van de overige deelgenoten verkrijgen (artikel 3:182 BW). De benaming van de overeenkomst is niet relevant voor het antwoord op de vraag of de betrokken overeenkomst (tevens) een verdeling inhoudt. De wet ‘merkt’ bepaalde rechtshandelingen ‘aan’ als verdeling. Als in materieel opzicht van een verdeling sprake is, zijn de regels van titel 3.7 BW van toepassing. De verdeling moet worden gevolgd door een levering wil zij goederenrechtelijk effect sorteren. Het feit dat voor de overgang van het aan een der deelgenoten toegedeelde een levering vereist is (op grond van artikel 3:186 lid 1 BW), maakt de verdeling als zodanig niet ‘translatief’. De levering maakt een einde aan de onverdeeldheid, maar is dus niet per definitie het moment van verdeling als zodanig. Als in het zicht van de echtscheiding afspraken worden gemaakt omtrent verdeling, komt de verdeling tot stand door de inschrijving van de echtscheidingsbeschikking. Tot dat moment is sprake van verdeling onder de opschortende voorwaarde van de echtscheiding.”
De uitspraak op rechtspraak.nl