Rb. Limburg 6 december 2022, ECLI:NL:RBLIM:2022:9642

Weigering verklaring ‘niet Wlz verzekerd’. Op grond van de Verordening (EG) 883/2004 (de Verordening) is op eiseres de wetgeving van haar woonland van toepassing. Dat is in dit geval Nederland. Eiseres is onderworpen aan de Nederlandse wetgeving inzake ziektekosten en zij heeft recht op Nederlandse verstrekkingen voor rekening van het Nederlandse Wlz-orgaan. De in artikel 21, eerste lid, van het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1999 (KB 746) vervatte voorwaarde voor niet Wlz-verzekerd zijn, inhoudende dat sprake moet zijn van een situatie dat met toepassing van de Verordening recht bestaat op verstrekkingen die in beginsel worden verleend ten laste van een andere lidstaat van de Europese Unie, doet zich echter niet voor. De Verordening coördineert namelijk de particuliere zorgverzekering van eiseres niet. Verweerder heeft daarom terecht overwogen dat eiseres geen beroep toekomt op dat artikel en terecht de aanvraag van een verklaring ‘niet Wlz-verzekerd’ als bedoeld in artikel 21, zevende lid, van KB 746 afgewezen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen